Ter overweging.
Met de tekst in deze weblog wil ik uw aandacht vragen voor het feit dat u mogelijk een verkeerd beeld heeft van reanimatie.
Lees de tekst en neem de tijd om het te overdenken.
(Overgenomen uit Relevant (NVVE) nummer 2 mei 2009)
Reanimatie is een soort bezwering.
Wat is de zin van reanimatie als er zo weinig levens door worden gered? Antwoord:; onder meer het geruststellen van toeschouwers.
Hugo van der Wedden schreef er een bachelorscriptie over.
Toen sociologiestudent Hugo van der Wedden nog verpleegkundige was, zag hij tientallen pogingen tot reanimatie. Hij kende daardoor de zwaarte van het werk. Van tevoren weten verpleegkundigen immers dat de kans van slagen erg klein is – amper 14 procent – en dat de schade vaak groot is. In zijn bachelorscriptie Reanimatie. Een sociologische analyse van een modern ritueel legt Van der Wedden uit dat iemands leven te redden in elk geval uitstel biedt. Als op straat iemand onwel wordt en sterft, is dat voor de omstanders moeilijk verteerbaar.
Als een ambulancemedewerker iemand reanimeert en meeneemt, ontstaat het idee dat een leven is gered. Reanimatie wordt daarmee een soort bezwering; het biedt publiek én directbetrokkenen een manier om zich een houding te geven en zich minder snel schuldig te voelen. ‘Er is alles aan gedaan’, denkt men.
Mijn besluit:
Er zijn mensen die om uiteenlopende redenen besluiten om wanneer hen een hartstilstand overkomt niet meer gereanimeerd te willen worden. Meestal zal dit op gevorderde leeftijd zijn, wanneer de kwaliteit van leven iets wordt dat als zand tussen de vingers wegloopt. Zij kiezen voor een aantrekkelijke dood in plaats van een lange lijdensweg al dan niet in de toekomst, wetende dat het medisch bedrijf ze tegen alle logica in, in leven zal houden.
Als volgende reden kan worden genoemd de vraag: “Hoe kom ik er uit?”. Algemeen bestaat het beeld van iemand na reanimatie opstaat en kan doorgaan waar zij of hij gebleven is, maar niets is minder waar.
Zelf heb ik mij terdege verdiept in deze materie alvorens tot mijn besluit te komen. Door het lezen van boeken, artikelen en correspondentie met de Nederlandse Hartstichting ben ik tot de conclusie gekomen dat de resultaten variëren van het geraken in een coma, via uitvalsverschijnselen als verlammingen, geen spraakvermogen tot op z’n minst een paar gebroken ribben.
Als lid van de Nederlandse Vereniging voor Vrijwillig Levenseinde heb ik daarom gebruik gemaakt van de mogelijkheid om reanimatie te verbieden. Ik draag een door deze vereniging uitgegeven penning waarop staat dat ik niet gereanimeerd wil worden. De vereniging geeft deze penning uit nadat de overheid de penning rechtsgeldig heeft verklaard. De penning staat gelijk aan een schriftelijke en ondertekende verklaring van de persoon die op het moment van reanimatie valt onder de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst. Deze wet bepaald de verhouding tussen patiënt en arts/hulpverlener. Hieruit blijkt dat wanneer iemand GEEN toestemming verleend voor behandeling, deze behandeling ook niet mag plaatsvinden.
Helaas is deze mogelijkheid nog weinig bekend en de kans is groot dat iemand meent zich hiervan niets te moeten aantrekken. In dat geval heb ik een regeling getroffen waardoor die persoon wanneer ik gehandicapt in leven blijf, voor de gevolgen juridisch aansprakelijk zal worden gesteld.
Het is in uw belang om te letten op het dragen van deze penning!
Bericht ontvangen op 3 december 2009 van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde
Dr. P.M. de Jong.
Geachte heer Broerse,
Met excuses voor mijn verlate reactie. Dank u wel voor uw brief.
De rechtsgeldigheid van de niet-reanimerenpenning is lange tijd een discussiepunt geweest, maar sinds de beantwoording van vragen in de Tweede Kamer in het voorjaar van 2009 is dit klip en klaar. De staatssecretaris heeft gezegd dat de penning een rechtsgeldig document is. De ambulancezorg Nederland (AZN) en het Oranje Kruis (ehbo-trainingen) hebben in overleg met ons dan ook te kennen gegeven dat voor hun de rechtsgeldigheid niet meer ter discussie staat en dat zij hun protocollen gaan aanpassen.
Uw penning, en dus uw specifieke behandelverbod heeft zeker nog steeds heel veel waarde.
Wij doen er in tussen alles aan om die kennis ook zo veel mogelijk te verspreiden, maar aangezien dat via de bestaande kanalen moet, kan de werkelijkheid soms weerbarstig zijn.
Intussen kunt u ook door zo veel mogelijk mensen te vertellen van de rechtsgeldigheid eraan bijdragen dat het misverstand uit de wereld geholpen wordt.
Met vriendelijke groeten,
Petra de Jong, directeur NVVE
De NVVE
De Nederlandse vereniging voor een vrijwillig levenseinde is een organisatie die onder meer tot doel heeft de mogelijkheid van euthanasie te bevorderen. Zij werken samen en worden ondersteund voor het Humanistisch Verbond. Zusterorganisaties zijn de Stichting De Einder en de Stichting Vrijwillig Leven.
Ik ben me er van bewust dat de dood, die onlosmakelijk verbonden is met het leven zoals de geboorte, voor veel mensen een taboe is. Uit angst of onzekerheid praat men er niet over en dan bestaat het niet. Toch is het van belang om tijdig zaken te regelen, want komt eenmaal het moment dat u door ziekte gedwongen wordt om in geval van uitzichtloos lijden er over na te denken, is het dikwijls te laat om nog een regeling te treffen die door het medisch bedrijf wordt geaccepteerd.
Voor een afbeelding van de bedoelde penning kunt u terecht op de volgende website:
http://www.nvve.nl/assets/nvve/over/NR-penning.pdf
U moet dan wel beschikken over de mogelijkheid om een pdf bestand te kunnen openen. Hiervoor kunt een gratis programma downloaden. Klik daarvoor op de volgende website:
http://www.gratissoftware.nu/downloaden/adobe-reader.php
Inmiddels heb ik veel reacties gehad via andere websites. Een belangrijke boodschap die inderdaad het overdenken waard is, is die van “Camaron”. Hieronder zijn tekst: Inmiddels heb ik veel reacties gehad via andere websites. Een belangrijke boodschap die inderdaad het overdenken waard is, is die van “Camaron”. Hieronder zijn tekst: Antwoord namens de Nederlandse Hartstichting van 15 december 2009. Niet – reanimeren. Niet-reanimerenpenning.
Ik heb uw verhaal prima gelezen,niet in alle gevallen waarin reanimatie levensredden kan zijn,ondoet men het slachtoffer eerst van zijn kleding.Dit wordt meestal door medisch personeel gedaan bv.die een AED aansluiten.Denkt u eens aan een slachtoffer die door een voorbijganger uit het water wordt gered,of andere (verstikkings)gevallen waarbij beademing van het grootste belang kan zijn.Daarbij wordt het slachtoffer echt niet ontkleedt.Mar goed,het zij zo.
Ik heb uw verhaal prima gelezen,niet in alle gevallen waarin reanimatie levensredden kan zijn,ondoet men het slachtoffer eerst van zijn kleding.Dit wordt meestal door medisch personeel gedaan bv.die een AED aansluiten.Denkt u eens aan een slachtoffer die door een voorbijganger uit het water wordt gered,of andere (verstikkings)gevallen waarbij beademing van het grootste belang kan zijn.Daarbij wordt het slachtoffer echt niet ontkleedt.Mar goed,het zij zo.
Verkorte weergave:
Als mensen niet gereanimeerd willen worden, is het belangrijk dat naasten, (huis)artsen en reddingswerkers tijdig op de hoogte wijn van deze wenst. 70 – 80% van de hartstilstanden vindt thuis plaats, daar waar naasten omstander zijn. Aan de niet reanimerenwens kan dan door de naasten eenvoudig tegemoetgekomen worden. Indien zij niet bellen met 112 wordt de keten van het overleving niet in gang gezet. In dit geval zal na verloop van tijd de huisarts gebeld moeten worden en niet 112. Van de huisarts mag worden verwacht kennis te hebben over de medische achtergrond van het slachtoffer, dienst levensvisie en levenswil.
Wanneer de leekhulpverlener echter een hem of haar onbekend slachtoffer aantreft, start de hulpverlener de reanimatie. Het zoeken van een penning of verklaring leidt tot uitstel van de reanimatie en beïnvloedt daarmee de kwaliteit en effectiviteit in ongunstige zin. In de praktijk blijkt dat een in de hals gedragen penning (bijeen reanimatie is het slachtoffer in rugligging gebracht) onzichtbaar kan zijn. Het aspect van onzichtbaarheid wordt nog versterkt door de instructie aan de leekhulpverlener een slachtoffer niet van kleding te ontdoen, tenzij deze echt een belemmering is voor de reanimatie.
Momenteel is bovenstaande het antwoord dat gegeven dient te worden door de instructeurs aan cursisten met specifieke vragen op dit gebied. In het huidige lesboekje is geen paragraaf meer opgenomen over hoe te handelen indien niet-reanimerenpenning wordt ontdekt na het starten van den reanimatie. De kans is echter groot dat deze paragraaf weer wordt opgenomen
Hieronder de wet die hier van toepassing is.
Bovenkant formulier
Onderkant formulier
WGBo
Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst
In het Burgerlijke Wetboek, boek 7, staat in afdeling 5 de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBo). Deze wet regelt in een aantal artikelen de rechten en plichten van patiënten en behandelaars. De wet heeft de bijnaam ‘De Patiëntenwet’. De wet regelt bijvoorbeeld het recht op informatie over een behandeling of onderzoek, de geheimhoudingsplicht door de hulpverleners en het behandeldossier.
Artikel 450 handelt over de toestemmingsvereiste van patiënten voor iedere behandeling of onderzoek. Als een patiënt die toestemming niet geeft, mag de behandeling of onderzoek geen doorgang vinden.
- Voor verrichtingen ter uitvoering van een behandelingsovereenkomst is de toestemming van de patiënt vereist.
- Indien het geval waarin een patiënt van 16 jaar en ouder niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake, worden door de hulpverlener en een persoon bedoeld in de leden 2 en 3 van artikel 465, de kennelijke opvattingen van de patiënt, geuit in schriftelijke vorm toen deze tot bedoelde redelijke waardering nog in staat was en inhoudende een weigering van toestemming als bedoeld in lid 1, opgevolgd.
De hulpverlener kan hiervan afwijken indien hij daartoe gegronde redenen aanwezig acht.
Uit deze tekst blijkt dat een wilsbeschikking aangaande het weigeren van een behandeling, opgesteld ten tijde dat iemand wilsbekwaam was, blijft gelden indien hij wilsonbekwaam wordt. Dit is bijvoorbeeld het geval als iemand in coma raakt of dement wordt. De NVVE heeft een standaard Behandelverbod, waarmee de drager kan aangeven welke behandelingen hij weigert. De standaard tekst biedt ook veel ruimte voor individuele wensen van de drager.
In artikel 446 van de WGBo wordt onder ‘behandelingen’ verstaan:
- Alle verrichtingen – het onderzoeken en het geven van raad daaronder begrepen- die rechtstreeks betrekking hebben op een persoon en de bedoeling hebben hem van een ziekte te genezen, hem voor het ontstaan van een ziekte te behoeden of zijn gezondheidstoestand, te beoordelen, dan wel verloskundige bijstand te verlenen.
- Tot de behandelingen worden mede gerekend het in het kader daarvan verplegen en verzorgen van de patiënt ….
In artikel 465 van de WGBo is geregeld wie er namens de patiënt mag optreden indien de patiënt hiertoe zelf niet meer in staat is. De NVVE noemt deze mensen ‘gevolmachtigden’. Met een apart formulier de (volmachtverklaring) kan een ieder zo mensen benoemen waarvan hij denkt dat die zijn belangen goed zullen behartigen en beslissingen zal nemen in de lijn der gedachten van de persoon zelf.
Indien een meerderjarige patiënt niet in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake, niet onder curatele staat of ten behoeve van hem niet het mentorschap is ingesteld, worden de verplichtingen die voor de hulpverleners uit deze afdeling jegens de patiënt voorvloeien, door de hulpverlener nagekomen jegens de persoon die daartoe schriftelijk door de patiënt is gemachtigd in zijn plaats op te treden. Ontbreekt zodanig persoon, of treedt deze niet op, dan worden de verplichtingen nagekomen jegens de echtgenoot of andere levensgezel van de patiënt, tenzij deze persoon dat niet wenst, dan wel, indien ook zodanige persoon ontbreekt, jegens een ouder, een kind, broer of zus van de patiënt ,tenzij deze persoon dat niet wenst.
Al eerste vertegenwoordiger van de patiënt geldt de curator of de mentor, dan de schriftelijk gevolmachtigde, dan de partner, dan een ouder, kind, broer of zus. Daar een curator en mentor in veel gevallen niet aanwezig zijn, is de schriftelijk gevolmachtigde een belangrijk persoon en komt deze voor eventuele familie.
